Wat te doen in Luxemburg als je de hoofdstad al hebt gezien

Meest criminele steden 202

Luxemburg-stad is in twee dagen goed te doen. De oude stad, de kazematten, een wandeling door de Grund en een avond op de Place d’Armes. Wie een lang weekend of een week heeft, merkt dat het echte Luxemburg daarbuiten ligt: in dorpen met kastelen, riviervalleien en wijngaarden, op hooguit een uur rijden van de hoofdstad.

Eerst de hoofdstad

De oude stad en de vestingwerken van Luxemburg staan sinds 1994 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De Bock-kazematten, kilometers aan gangen die in de rots zijn uitgehakt, zijn het bekendste onderdeel. De Chemin de la Corniche wordt het mooiste balkon van Europa genoemd en kijkt uit over de Grund, de wijk beneden aan de Alzette. Wie zich afvraagt wat te doen in Luxemburg buiten de stad, vindt bij de dorpen de meeste antwoorden.

Reizen zonder kosten

Luxemburg was in 2020 het eerste land ter wereld met gratis openbaar vervoer in het hele land. Treinen en bussen in de tweede klas kosten niets, ook niet voor toeristen. Dat maakt dagtochten naar de dorpen makkelijk, zeker als je in de hoofdstad logeert. Een auto is wel handig voor wie meerdere dorpen op één dag wil combineren, want sommige busverbindingen rijden maar een paar keer per dag.

Vianden en Clervaux in het noorden

Vianden ligt in het noorden aan de Our, bij de Duitse grens, en wordt overheerst door een gerestaureerd kasteel op een heuvel. Met een stoeltjeslift ga je naar boven voor uitzicht over het dal. Victor Hugo verbleef hier in 1871, en zijn huis is nu een klein museum.

Clervaux, een half uur verderop, heeft een kasteel met een bijzondere tentoonstelling: The Family of Man, een fotocollectie die de Amerikaanse fotograaf Edward Steichen in 1955 samenstelde voor het Museum of Modern Art in New York. De tentoonstelling staat op de Memory of the World-lijst van UNESCO.

Tussen Vianden en de hoofdstad ligt Esch-sur-Sûre, een piepklein dorp in een lus van de rivier de Sûre, met een kasteelruïne erboven. Vlakbij ligt het stuwmeer van de Haute-Sûre, waar je in de zomer kunt zwemmen, suppen en kanoën.

Echternach en het Müllerthal

Echternach is de oudste stad van Luxemburg, gegroeid rond een abdij die in de zevende eeuw werd gesticht door de Engelse monnik Willibrord. Elk jaar op pinkinsterdinsdag trekt de springprocessie door de straten, sinds 2010 immaterieel erfgoed van UNESCO.

Vlak bij Echternach begint het Müllerthal, ook wel Klein Zwitserland genoemd. De Mullerthal Trail loopt over 112 kilometer langs zandstenen rotsformaties, smalle kloven, beekjes en bossen. Je hoeft niet het hele pad te lopen: een rondwandeling van een paar uur geeft al een goed beeld.

Wijn aan de Moezel

In het zuidoosten vormt de Moezel de grens met Duitsland. Langs de rivier liggen wijndorpen als Remich, Grevenmacher en Schengen, waar in 1985 het verdrag werd getekend dat de binnengrenzen in Europa opende. In het Europees Museum in Schengen lees je er meer over. Luxemburgse wijnmakers staan vooral bekend om hun witte wijn en hun crémant, een mousserende wijn die je bij veel wijnhuizen kunt proeven.

Plannen

Voor een eerste kennismaking werken twee dagen in de stad en twee of drie dagtochten goed. Voorjaar en vroege herfst zijn de prettigste seizoenen om te wandelen. Boek in het hoogseizoen op tijd, want de dorpen zijn klein en het aantal hotels is beperkt. Wie liever niet elke dag heen en weer reist, kan ook een paar nachten in het noorden of in het Müllerthal slapen en de hoofdstad als dagtocht doen. Met het gratis openbaar vervoer en de kleine afstanden werkt dat in Luxemburg net zo goed. Meer tips over dorpen, routes, overnachten en bezienswaardigheden vind je op Luxemburgtrip.nl.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *